
De Caldera de Lobos.
Een oud vulkanisch hart, verstild in tijd.
Ruwe lava, lage begroeiing en een open lucht die alles relativeert.
Een plek waar het tempo vanzelf zakt en je alleen nog hoeft te kijken.

De Caldera de Lobos.
Een oud vulkanisch hart, verstild in tijd.
Ruwe lava, lage begroeiing en een open lucht die alles relativeert.
Een plek waar het tempo vanzelf zakt en je alleen nog hoeft te kijken.

Even oogcontact met een nieuwsgierige bewoner van de Calderón Hondo.
Tussen lava, steen en stilte steekt hij voorzichtig zijn kop omhoog.
Alert, kwetsbaar en perfect op zijn plek in dit ruige landschap van Fuerteventura.

De haven van Corralejo ligt er rustig bij.
Zeilboten wiegen zacht op het water, terwijl in de verte de vulkaan van Lanzarote waakt over de horizon.
Een moment van stilte, tussen vertrekken en vasthouden.
De laatste aanblik van een vakantie waarin de tijd even langzamer mocht gaan en die je meeneemt, ook als je alweer verder moet 🥹

De krater van Calderón Hondo op Fuerteventura.
Een plek waar kracht en stilte samenkomen.
Wat ooit vuur en beweging was, ligt nu open en stil in het landschap. Rauw, sober en tijdloos.
Staand aan de rand voel je hoe klein je bent, en hoe groots de aarde kan zijn.

Op de zwarte lavastenen van Lobos staat hij even stil.
De steenloper, klein, alert en onverstoorbaar laat zich dragen door het zachte licht en het ruige landschap.
Wit en bruin tekenen zich af tegen de vulkanische kust, waar zee en steen elkaar al eeuwen ontmoeten.
Een moment van eenvoud, precies op de grens van land en water.

Tussen het ruige, droge landschap van Fuerteventura laat deze barbarijse eekhoorn zich even zien.
Klein, alert en perfect aangepast aan een omgeving waar leven niet vanzelfsprekend is.
Een subtiele ontmoeting met de veerkracht van de natuur op de Canarische Eilanden.

Dit is niet het Fuerteventura van lava en leegte alleen.
Tussen de glooiende heuvels verschijnt een groene gloed, subtiel maar onmiskenbaar.
Een eiland dat meer lagen heeft dan je op het eerste gezicht verwacht.

Aan de rand van de branding, waar elke golf het strand herschrijft, staat de drieteenstrandloper.
Een vogel van beweging, vastgelegd in een moment van stilstand.
De drieteenstrandloper (Calidris alba) is een typische bewoner van open kusten. Hij mist de achterteen die veel andere steltlopers hebben, een aanpassing aan het leven op nat, vlak zand. Zijn korte poten en compacte lichaam maken hem uitzonderlijk wendbaar in de smalle zone waar zee en land elkaar voortdurend afwisselen.
Hier, aan de kust van Corralejo op Fuerteventura, foerageert hij op wat de zee prijsgeeft: kleine kreeftachtigen, wormen en insectenlarven die bij elke terugtrekkende golf even bereikbaar zijn. Zijn gedrag is precies afgestemd op het ritme van het water, een lopen, stoppen, kijken, pikken, eindeloos herhaald.
Op deze foto lijkt hij losgezongen van die dynamiek.
Het lichaam stil, de blik geconcentreerd.
Alsof hij niet jaagt, maar meet.
Wetenschappelijk gezien is dit een overwinteraar, een vogel die duizenden kilometers aflegt tussen Arctische broedgebieden en zuidelijke kusten. Maar in dit ene moment is hij geen reiziger, geen schakel in een migratie systeem. Hij is alleen dit, een aanwezigheid in het nu.
De zee beweegt.
Het wier verschuift.
Hij blijft.
Misschien schuilt juist daarin zijn kracht en zijn schoonheid,
volledig aangepast aan verandering,
maar nooit gehaast.
In stilte gevangen,
precies waar hij hoort te zijn.
Nog geen vier maanden geleden zaten we aan tafel, gebogen over kaarten en routes, kijkend naar de weg die ons richting Italië zou brengen.
Onze roadtrip voerde ons via België, Luxemburg en Frankrijk naar Italië, om daarna via Frankrijk en Duitsland weer terug te keren naar Nederland.
De bestemming was aanvankelijk nog vaag, maar langzaam tekende zich aan de horizon een richting af.
Genua, de grote kuststad, werd ons keerpunt.
En nu, de kerstdagen achter ons, oud en nieuw nog net voor de deur, maken we ons klaar voor de volgende reis.
Een bestemming die aan het begin van dit jaar al vastlag.
We verlangden opnieuw naar de warmte, naar de natuur met haar eindeloze vulkanische landschappen, de ruige zee en de soms verlaten stranden van dit Canarische eiland.
Fuerteventura.
Onze eerste kennismaking, die eerder dit jaar abrupt werd onderbroken.
Daarover later meer.
Nog even, en we vertrekken weer.
Het nieuwe jaar is dan net begonnen.
Op zondag 4 januari vliegen we vroeg in de ochtend, zodat een groot deel van de dag nog open voor ons ligt.
En net als vorig jaar lijken ook nu de weergoden ons goedgezind.
Hier in Nederland én op Fuerteventura.
Geen problemen bij vertrek, en bij aankomst een aangename 22 graden, zon, met een zachte bries.
Zodra we de huurauto hebben opgehaald, gaan we op pad, heel rustig aan.
Langs enkele bezienswaardigheden, zodat we niet te vroeg bij het appartement arriveren.
Het genieten kan beginnen.
En een moment van dankbaarheid is dan op zijn plaats.

Ik wandel regelmatig bij de natuurbegraafplaats Geestmerloo bij mij om de hoek.
Zomaar even een klein rondje tussen de nu kale bomen en struiken.
Uitkijkend over het water breng ik even mijn gedachten tot rust, gewoon even lekker om buiten te zijn.
Deze maandagochtend was het grijs, geen straaltje zonneschijn of ook maar iets van verlichting te ontdekken.
Tot ik tussen de struiken door toch nog iets kleurrijks ontdekte.
Een gele gloed in een grijze wereld, als je goed oplet is er altijd wel iets moois te ontdekken.